FAQ
Waarom voel ik me zo snel schuldig en onveilig als ik grenzen stel?
Dit komt doordat je je (waarschijnlijk in je jeugd) leerde aanpassen aan anderen. Dat werd gewaardeerd en het was mogelijk zelfs nodig. Je zenuwstelsel leert dan dat aanpassen en jezelf wegcijferen veiligheid biedt en dat het dus het beste is als de ander zich goed voelt. En ook al ben je inmiddels volwassen, je zenuwstelsel heeft dit wel als waarheid aangeleerd. Je voelt je tegen die tijd dan verantwoordelijk voor de gevoelens van anderen. En je voelt ze feilloos aan.
Kan ik alsnog leren om ruimte in te nemen en grenzen te stellen?
Ja dat kan! Maar vaak is ‘gewoon je grenzen aangeven.’ Gemakkelijker gezegd dan gedaan. Dat komt omdat je zenuwstelsel een nieuwe basis mag krijgen. Dat veiligheid juist niet ligt in het aanpassen aan wat anderen wensen, verwachten, en eisen. (Dat is zelfs oprecht heel onveilig!) Dus op verschillende lagen mag je jezelf opnieuw leren ruimte te krijgen en nemen. Hieronder vertel ik verder.
Wat kan ik doen tegen ‘fawning’ of co-dependentie of een andere traumarespons?
Welke lagen kan ik aanpakken?
Begrijpen: begrijpen hoe het komt dat je je schuldig of onveilig voelt als je je grenzen aangeeft of ruimte inneemt. Of je stem laat horen. Of aangeeft wat je wilt. Hierbij kun je kijken naar je eigen ervaringen in het leven. Maar ook binnen je familie, binnen je school en binnen je cultuur. Wat was ‘normaal’? Mocht je boos zijn? Werd je gerespecteerd als je als jong kind met je voetje stampte en werd er dan gevraagd wat je niet leuk vond? Of werd erom gelachen?
Verwerken: sleutelmomenten van vroeger (zoals bovenstaande voorbeeld) kunnen hebben geleid tot het overmatig aanpassen aan anderen (fawning heet dit, zie ook mijn blog over fawning). Teruggaan in de tijd en die momenten alsnog verwerken met bijvoorbeeld EMDR kan nodig zijn om je zenuwstelsel tot rust te brengen. Alsnog, na al die jaren.
Keuzes maken: En dan – al voelt het nog zo spannend – kun je ook daadwerkelijk vaker je eigen mening gaan geven. Je wensen kenbaar maken. Nee zeggen als je nee voelt en ervaren dat dat veilig is.
Zijn: Je mag er voor jezelf zijn. Met begrip. Rust. Compassie en liefde. Jezelf opvangen en begrijpen hoe zwaar dit proces eigenlijk is. En ik sta graag naast je in dit proces.
Wat gebeurt er met mijn relatie als ik grenzen stel?
Vaak staan anderen om je heen hier best voor open als je het uitlegt. Dat is fijn, dan kun je samen oefenen, uitleggen, begrip hebben voor elkaar en helen. Samen sta je dan sterker, krachtiger en liefdevoller dan je anders ooit was geworden.
En soms staan anderen er niet voor open.
Al leg je het goed uit en ben je nog zo liefhebbend, rustig en begripvol naar de ander.
Ook dat kan gebeuren. Dat voelt machteloos, maar zij hebben het recht op hun eigen proces. Zij mogen mensen om zich heen verwachten die zich altijd aanpassen. En dus verwijtend en verontwaardigd zijn. Of zelfs venijnig.
Als de ander zegt dat jij degene bent die ‘te gevoelig’ is, dan heet dat ‘gaslighting.’
Dat is – zeker als je het je hele leven hebt vermeden – heel spannend. Want je grootste angst wordt waar: je wordt afgewezen als je jezelf bent, je mening hebt, je grenzen aangeeft.
Alleen mag jij dan wel de grens stellen dat jij niet langer zo iemand bent en dat je hun verwijten en venijn niet accepteert in jouw leven. En dan verandert het contact. Het kan verminderen, zelfs stoppen, of een andere vorm krijgen. Het mag zo worden, dat je grenzen gerespecteerd worden. Dat jij als persoon gerespecteerd wordt. Dat kan leiden tot (diepe) rouw. Dat is in sommige verdrietige gevallen de keerzijde van de vrijheid om jezelf te zijn.
Wat als ik word afgewezen als ik mijn grenzen aangeef?
Zoals ik hierboven al beschreef, kan het je contact met anderen gaan veranderen. Daarmee komt er eerst een ‘woelige’ tijd. Je kunt je onzeker voelen als de ander zegt dat het aan jou ligt. Als je verontwaardiging en verwijten over je heen krijgt.
Dus er kan een rouwproces en onzekerheid ontstaan. Maar ook daar kun je doorheen komen en dat hoeft niet alleen! Ik sta graag naast je.
Kan ik me niet beter aanpassen aan wat mensen verwachten? Dat voelt veiliger!
Het klopt dat het in eerste instantie veiliger voelt in je lichaam om je aan te passen. Dan heb je geen verhoogde hartslag. Geen trillende handen. Geen angst of je nog wel ‘oke’ bent. Of je er nog wel mag zijn. De vraag is dus eigenlijk: wat wil je op de lange termijn?
Als ik mezelf ben, heb ik dan nog wel vriendschappen en familie om me heen?
Dat is een enge vraag, en ik kan je niet garanderen dat alle mensen van ‘voorheen’ je verandering met open armen verwelkomen. Wat ik je wel kan zeggen, is dat de relatie met jezelf eerst mag veranderen. Zonder dat er iets anders verandert in je leven.
Ik schrijf het ergens op mijn website: de basis van verandering ligt in de relatie met jezelf.
Stel dat jij je eigen beste vriendin of vriend bent. Onvoorwaardelijk begripvol, liefhebbend, aardig, geduldig. Net zoals jij voor anderen bent geweest. Dan ontstaat er een nieuwe basis. Je bent niet meer zo afhankelijk van anderen voor de liefde die je nodig hebt. Die vind je grotendeels in jezelf. En in de mensen (of geloof, spiritualiteit) waarin jij je echt veilig voelt. Die basis mag er eerst zijn. Daarna komt er dan vaak vanzelf een verschuiving. Dan kosten contacten bij wie je jezelf niet mag zijn steeds meer moeite. En dan wordt het langzaam gemakkelijker om je grenzen te stellen. En komen er mensen in je leven die jou waarderen, vieren en uiteraard je grenzen accepteren.
Het is een heel proces, maar ook een proces waarin je vrijheid vindt, steeds meer zelfliefde, steeds meer rust en zelfverzekerdheid. Je gaat de verantwoordelijkheid zien die anderen mensen nemen of juist niet nemen voor hun eigen proces, gevoelens en leven. En dat helpt je om je basis vast te houden.






